|
Korfbal is een sport die nogal eens onderhevig is aan negatieve vooroordelen. Vaak blijkt dat de vooroordelen ooit zijn ontstaan tijdens het spelen van korfbal op school, in uw eigen jeugd, of dankzij één of andere reporter die er altijd weer de spot mee drijft. Zodra u een keer een wedstrijd op niveau van ons eerste team bezoekt, weet ik zeker dat uw mening 180 graden wijzigt.
Wat is er dan zo aantrekkelijk en bijzonder aan korfbal? Dat is moeilijk uit te leggen, wellicht komt het door de snelheid, hoge scores, en atletische acties die het korfbalspel met zich meebrengt. Of.....misschien juist door het gemengde (dames en heren) samenspel en het fantastische verenigingsleven.
Het pleit zeker voor de korfbalsport dat zij blijkbaar nooit stagneert, maar zich voortdurend aanpast aan de eisen van deze moderne tijd. Regelmatig worden initiatieven gelanceerd om de korfbalsport aantrekkelijker te maken, en een groter publiek aan te trekken. Meest recente aanpassing is de invoering van kunststofkorven, die de traditionele rieten mand moeten vervangen.
Korfbal is een
sport voor iedereen en voor elke leeftijd! Een korfbalploeg bestaat
uit acht spelers, waarvan vier jongens en vier meisjes. Korfbal is
dus de enige gemengde balsport in de wereld! Deze
niet-agressieve sport is uitermate geschikt als schoolsport
aangezien jongens en meisjes kunnen samenspelen in dezelfde ploeg.
Jongens en meisjes bouwen samen een spel op en spelen samen in een
team. De jongens dienen dus rekening te houden met de meisjes en
omgekeerd. Niet alleen organisatorisch maar ook pedagogisch is het
gemengde karakter zeer belangrijk. Het gemengd samenspel is perfect
mogelijk, aangezien meisjes nooit hun krachten meten met jongens of
omgekeerd. Iedereen heeft immers een persoonlijke tegenstander van
dezelfde sekse. De dames en de heren spelen dus niet tegen, maar
naast elkaar, in een opstelling van twee dames en twee heren per vak
en per ploeg. De beide seksen moeten elkaar aanvullen tijdens het
korfbalspel. Het spelen tegen een persoonlijke tegenstander
is een quasi noodzakelijke tactische eis, maar is echter niet
verplicht. Je mag immers ook de tegenstander van je medespeler (zelfde
sekse!) hinderen. Door het voortdurend hinderen van de tegenstander
kan het maken van doelpunten en het vlot doorspelen van de bal
verhinderd worden. Naast de strijd tussen de twee ploegen komt er
ook een persoonlijke krachtmeting tot uiting tussen de tegenstanders,
wat het korfbalspel bijzonder aantrekkelijk maakt.
Het korfbalveld
wordt in twee vakken verdeeld, namelijk een aanvalsvak en een
verdedigend vak. Iedereen moet tijdens het spel in het eigen
vak blijven. Na twee doelpunten (of na een bepaalde tijd) wordt er
van vak en van functie gewisseld, de aanvallers worden verdedigers
en de verdedigers worden aanvallers. Na de rust wordt er van doel
gewisseld. De grootte van een korfbalveld is minimum 20 meter x 40
meter, de hoogte van de paal is afhankelijk van de leeftijd van de
spelers met een maximum van 3,5m. Korfbal wordt ook gespeeld met een
echte korfbal (dus niet met een voetbal!). In de wintermaanden wordt
korfbal indoor (zaalkorfbal) gespeeld, de overige maanden
staan de korfballers op het grasveld (veldkorfbal).
De
bewegingsvrijheid met de bal is erg beperkt bij korfbal. Lopen
en dribbelen met de bal zijn verboden, waardoor de spelers en de
speelsters verplicht worden tot sociaal-collectief samenspel.
Samenspelen is dan ook de enige mogelijkheid om een aanval op te
bouwen en om doelkansen te creëren. De bal bij je houden is kinderen
eigen. Verbetering op dit punt is erg belangrijk, maar dit is geen
gemakkelijke opdracht voor de leerkracht/trainer. Korfbal is echter
een combinatiespel, solo-acties worden op alle mogelijke manieren
aan banden gelegd of verboden. Dit blijkt duidelijk uit een aantal
spelregels zoals de loopregel, ‘met opzet’ samenspel vermijden,
verdedigd doelen, …
Het doel van het
korfbalspel is zo vaak mogelijk scoren in de korf van de tegenpartij.
Het maken van een doelpunt gebeurt door de bal van boven naar
beneden door de verheven korf te spelen. Het doel staat hoog en is
dus in wezen niet te verdedigen. Bovendien bevindt de korf zich niet
aan de grens van het speelveld maar meer naar het centrum, waardoor
de aanval van alle kanten kan worden opgezet. Het doel is dus
omspeelbaar.
Alle elementen van een algemene en veelzijdige lichaamsontwikkeling komen aan bod bij korfbal. Een korfbalspeler moet snel starten, lopen, plotseling stoppen, wenden, springen, bukken. Hierin zitten alle basiseigenschappen vervat, namelijk uithoudingsvermogen, kracht, snelheid, coördinatie en lenigheid.
Korfbal vraagt
tactische veelzijdigheid. Door de vakwissel (in officiële
wedstrijden na twee doelpunten, maar op school na verloop van een
bepaalde speeltijd) wordt van de spelers tactische veelzijdigheid
gevraagd. Zij kunnen zich niet specialiseren op het aanvallen of het
verdedigen, maar moeten in elk vak kunnen spelen, en de tactische
onderdelen van het korfbalspel zowel aanvallend (opbrengen en
aanvallen) als verdedigend (onderscheppen en verdedigen) beheersen.
Korfbal voorkomt het opeenhopen van een groot aantal spelers op een
klein gedeelte van het speelveld. Kinderen inzicht geven in het
gebruik van de ruimte is één van de moeilijkste taken van een
leerkracht LO / trainer. Korfbal reikt hierbij een helpende hand:
door de verdeling van het speelveld in bewust van elkaar gescheiden
vakken, is samenklitten van alle spelers onmogelijk geworden.
Vragen, meer
informatie omtrent reglementen, materiaal, oefenstof, ...?
Ga eens een kijkje
nemen op de website van de Koninklijke Belgische Korfbalbond!
|